Home » kennis&praktijk » CMK geeft je vleugels


CMK geeft je vleugels

20.11.2025

“Door Cultuureducatie met Kwaliteit kom ik als kunstvakdocent op heel veel scholen. In een aantal weken tijd bouw ik een vertrouwensband op met de kinderen en net als ze enthousiast worden en gaan geloven in wat ze kunnen, dan vertrek ik weer.” Toch kunnen juist de impulsen die kunstvakdocenten in zo’n korte tijd geven heel lang doorwerken. Een talent wordt ontdekt, een ambitie geboren of een stukje zelfvertrouwen gevonden. CMK gaf leerlingen, leerkrachten én kunstvakdocenten vleugels.

Jasmijn Pielkenrood is afgestudeerd als docent beeldende vorming. Al tijdens haar opleiding ontdekte ze haar affiniteit met techniek. Nu ontwikkelt ze lessen waarin kunst en techniek samenkomen. “In tegenstelling tot techniekdocenten leg ik geen nadruk op technische kennis. Ik zie techniek als een middel om kinderen te stimuleren om materiaal te gaan onderzoeken en spelenderwijs te ontdekken wat er allemaal mee kan.”

“Ik kies niet voor microchips en zonnecellen, maar liever voor eenvoudiger materialen als karton, lijmpistolen, klei en timmergereedschap. Samen met leerlingen heb ik  knikkerbanen getimmerd en eindeloos getest. We hebben waterdrukraketten ontworpen en gelanceerd. Er zijn flipboekjes in elkaar gezet. En in de bovenbouw en brugklas hebben we video’s omgebouwd tot hologrammen. Het zijn allemaal redelijk eenvoudige technieken waar leerkrachten na mijn lessen in de klas mee verder kunnen.”

Een breed spectrum

“Door kunst aan techniek te koppelen spreek je een breed spectrum aan leerlingen aan. Van de techneuten die graag heel precies willen weten hoe iets werkt tot aan de creatieve leerlingen, die graag hun fantasie willen inzetten en iets nieuws willen bedenken. Een les waarin beide aspecten aan bod komen biedt voor iedere leerling een ingang.”

“Ik geef nu bijvoorbeeld samen met Kawita ten Kate een serie kunst- en technieklessen aan alle kinderen op De Meander in Krommenie. Bij de kleuters en onderbouw hebben we buitenaardse wezens gemaakt door eerst verfvlekken te maken en dan met een fineliner daar figuren in te tekenen. In de middenbouw heb ik een les gegeven die ik ooit binnen het thema wetenschap heb ontwikkeld over een microscoop. We bekijken eerst plaatjes van bacteriën en microben onder de microscoop. Geïnspireerd op die plaatjes knipten we eerst uit karton een microbevorm en beschilderen die. Daarna maakten we in de microbe een rond gat. Daarin hebben we met naald en draad een soort web geweven. Dat ziet er supercool uit!”

Voor de bovenbouw hadden we een architectuuropdracht bedacht die we ‘Gekke gebouwen’ noemen. Eerst bekijken we met de leerlingen foto’s van gebouwen, zodat ze zien wat er allemaal kan. Daarna gaan ze eerst uit stevig gekleurd papier basisvormen uitknippen, zoals vierkanten, rechthoeken, rondjes, maar ook zeshoeken. Door deze vormen in te knippen kun je ze in elkaar steken en er gebouwen mee maken. Aan de hand van drie challenges, zoals ‘Bouw zo hoog mogelijk’ dagen we de leerlingen uit de mogelijkheden van de vormen verder te onderzoeken. Bij elke les zie je de leerlingen en leerkrachten steeds enthousiaster worden. Ik kwam dit jaar terug op een school en daar vertelden de leerlingen dat ze nog steeds wat ze het jaar daarvoor met mij hadden gemaakt op hun kamer hadden staan. Dat vond ik echt zo bijzonder!”

Met een hele klas

“Doordat ik al veel lessen heb gemaakt weet ik inmiddels het goede midden tussen uitdagend en niet te ingewikkeld. Vroeger kon ik nog wel eens iets bedenken dat heel priegelig was, maar dat is voor zowel kinderen helemaal niet leuk om te maken. En het is voor leerkrachten ook niet inspirerend. Juist door te werken met eenvoudige materialen en technieken wordt het voor leerkrachten bereikbaar om dit ook zelf te gaan doen. De meeste leerkrachten zijn verbaasd dat je dit soort lessen met een hele klas tegelijk kunt doen en dat alle leerlingen het kunnen. Maar als je bedenkt dat je het niet fout kunt doen als leerling en dat je enige rol als leerkracht is om kinderen te stimuleren om iets te maken, dan gaat dit juist heel goed met een hele klas tegelijk.”

“Wat leerkrachten helpt is als het project start met een startbijeenkomst waarin ik de lessen die ik heb ontworpen toelicht en ze vragen kunnen stellen. De cultuurcoördinator en die ene docent zijn meestal wel op voorhand enthousiast, maar zo’n bijeenkomst zorgt ervoor dat ook de andere leerkrachten zin krijgen en zich veilig en voorbereid voelen om de lessen te gaan doen. Bovendien is er dan al, als ik op de school begin, een persoonlijke connectie en dat is superfijn! Doordat ze niet met ingewikkelde materialen hoeven te werken, geen moeilijke technieken moeten beheersen én ze zelf ervaren dat de leerlingen het leuk vinden bouwen de leerkrachten meer zelfvertrouwen op om dit soort lessen ook zelf te gaan geven. Ik vind het mooi dat ik ze dat kan geven!”

MEER INFORMATIE

Dit artikel hoort bij een reeks over het programma Cultuureducatie met Kwaliteit (CMK) in Zaanstad en Oostzaan. Dit is een landelijke subsidieregeling om de kwaliteit van cultuureducatie te verhogen. Fluxus is de penvoerder van de aanvraag voor Zaanstad en Oostzaan. Door deze subsidie hebben alle scholen de beschikking over extra budget voor cultuur en begeleiding van Fluxus om daarvoor de cultuurpartner te vinden die bij hen past. En dat is nodig, want het culturele landschap in Zaanstad is enorm veelzijdig!

Lees meer over CMK in Zaanstad & Oostzaan

  • Samen stralen – Publicatie over vier jaar Zaans cultuuronderwijs met impact.
  • Gidsen voor gelijke kansen – Het Zaanse CMK 2025-2028
  • Een gids voor gidsen – Artikel over de rol van Fluxus binnen CMK4
  • Een stevige basis voor het VO – Artikel de inzet van een nieuwe cultuurexpert Vo in CMK4

Meer over CMK

Een vraag of suggestie?

Mail ons via onderstaand formulier.

Of bel ons

Voor vragen over ...

FluXus algemeen Klantenservice 075 655 35 50
Voor jou (Vrije tijd) Klantenservice 075 635 61 11
Onderwijs Madeleine en Els 075 655 35 55
Zorg & Welzijn Gerard Lommerse 06 215 37 848
Podium de Flux FluXus